Ten huize van…


Kris CLEIRBAUT
Zwarte Leeuwstraat 89
2820 BONHEIDEN

Tel.: 015.33.76.77
Tel.: 0476.30.87.00
Email:
opsinjoor@pandora.be


*Als je op je dertigste op ’t kerkhof wil liggen, moet je zo verder doen…
*Brood bakken is makkelijker dan duivenspel
*Bijgehaalde duiven… Met vijftig procent kun je lukken…
*Totaal weduwschap. Te veel kakafonie volgens mij…

“DE LIEFHEBBER DIE HET MINST
FOUTEN MAAKT, IS DE
WINNAAR…”


(Kris Cleirbaut)

Bonheiden.- Kris Cleirbaut is 35 en heeft 36 kweekkoppels onder zeil. Cleirbaut is bakker. Speelde drie jaar geleden nog op zijn dooie gemakken Quiévrain en Noyon. Vitesse in zijn buurt en voor ’t plezier. Maar Cleirbaut was zelden mals voor de concurrentie. En hoe gaat dat dan in ’t kleine leven: ze pesten je buiten. Grenzen worden verlegd, deuren gaan dicht. Want wie net iets te veel in de kas durft te ritselen: buiten, beste vriend. Toch houdt Cleirbaut nog steeds van het snelle spelletje… “-Ze hebben mij dan wel overal buitengegooid, van nature zal ik wel altijd een snelheidsman blijven. Ik heb daar tenslotte het vak geleerd. Maar ja… Vanaf het ogenblik dat het net iets te goed gaat, worden ze je beu. Dan ben je plots niet meer die sympathieke knul. Ik heb zelden bij mensen zoveel afgunst gezien, moet ik zeggen. Tot je geen keuze meer hebt. Verplicht door omstandigheden ben ik twee jaar geleden dan maar opgeschoven naar de midfond. Eerst met beperkte ambities. Tot de dag dat bleek dat het allemaal niet zoveel verschil maakte.”

Vandaag is Cleirbaut nog steeds diezelfde killer. De absolute ster die heel Antwerpen bij momenten duivenles geeft. In het stevige lokaal wat Bevel is (het strafste van de Kempen) zijn ze al meer dan één keer van hun stoel getuimeld. Want Cleirbaut mept behoorlijk raak. Laatst nog op Argenton. Nationaal twee en drie. Zes jonge duiven aan de éénendertigste prijs. En met 25531 duiven woog de nationale concurrentie behoorlijk zwaar. De Antwerpse wonderboy lijkt met niks en door niemand te temmen. Nochtans is Cleirbaut geen vent van hoge woorden. Hij verkneukelt zich wel in zijn diepste binnenste in de goeie gang van zaken maar ostentatief op zijn borst kloppen: neen, dat doet ons “bakkerke” niet… “Bakkerke,” zeg je.


Op dit hok is het kweken geblazen...
Zeg maar bakker want Kris Cleirbaut staat bij sjieke mensen en stijve madammekes in Mechelen en omstreken bekend als het beste van de hele streek. Bij “Opsinjoor” komen mensen voor uitzonderlijke kwaliteit. Het beste brood, de beste boterkoeken, de lekkerste patisserie. Dat is het handelsmerk van Cleirbaut. Drie voltijdse bakkers en een bekwame helper maken elke nacht rond. En als Mechelen wakker wordt, verschijnt “ons” Sofie. Samen met drie nette winkelmeisjes. Opsinjoor is klasse. Waar Kris nog steeds de krijtlijnen trekt… “-Wat in de winkel verschijnt, moet perfect zijn,” vertelt Kris. “Geen half werk en geen gezever. Qua kwaliteit kennen wij echt geen toegevingen. De mensen verwachten van ons altijd overtreffende trap en daar gaan wij voor.” Maar hoe kun je als bakker behoorlijk tijd in sport en duiven stoppen? “-Met dank aan mijnheer-doctoor,” grapt Kris. “Ik heb daar amper verdiensten aan. Tien jaar lang heb ik hooguit vier uur per dag of nacht geslapen. Tot mijn tikker het bijna begaf. Maar ik stelde mij daar amper vragen bij. Ik was jong en sterk, dacht ik. Tot op een dag opnieuw het alarm afging. Mijnheerke Cleirbaut, zegde de dokter, als je graag op je dertigste in Bonheiden op ’t kerkhof wil liggen, moet je maar doen wat je doet. Bleek dat ik constant roofbouw had gepleegd op mijn eigen lichaam. Er bleef verder ook geen keuze. Ofwel ga je luisteren, wist de dokter nog ofwel stap ik hier buiten en dragen ze je over een maand of drie tussen zes planken naar buiten. Klaar, ik was compleet gek bezig. Maar van werken gaat een mens niet dood wist ik wel zeker…” De beste willen zijn en altijd heel veel geld willen verdienen is niet altijd een zegen…

“-Klaar, maar zo’n zaken zitten in een mens zijn karakter. Als buitenstaander klinkt dat misschien banaal maar als bakker eis ik dat alles wat over de toonbank gaat feilloos en perfect is. Wij hadden en hebben een reputatie en die vergooi ik niet. Wat mensen kopen moet ze gelukkig maken. Ik heb dat niet uit geleerde boeken of managementcursussen: wij hebben dat geleerd uit de reacties van de klanten. Het moet goed zijn…”


Het duivenparadijs van Cleirbaut. Puur natuur in Bonheiden...
Een gelijkaardige filosofie zet je ook door op je duivenhok?

“-Dat is het verlengde zeker. Hetzelfde manneke dat wil dat het ook daar loopt en lukt. Maar ‘k moet je wel zeggen dat brood bakken een stuk makkelijker is dan duivenspel. Als alles draait en alles loopt, is voorbereiden en bakken op de duur routine. Bij duiven ligt dat compleet anders. Vandaag zit je hoog, morgen te laag. Vandaag heb je vorm en goeie wil, een andere dag lukt niks. Dat is onvoorspelbare kloterij toch…”

Van snelheid richting mid-fond. Doe je dat hier met dezelfde duiven nog steeds…

“-Mijn brede basis is niet veranderd neen. Tachtig procent is nog altijd Miel Dillen uit Itegem en de broers Dierckx uit Rijmenam. Toen ik richting midfond trok, dacht ik aanvankelijk dat dit soort duiven het niet zouden kunnen. Fout gedacht… Maar ik ging wel overal kopen en versterking halen tot bleek dat het geen succes zou worden. Op dat moment heb ik mijn oude soort weer opgeblonken. En ben beginnen kruisen. En ‘k moet eerlijk toegeven: met Engels en Jos Vercammen zie ik behoorlijke resultaten. Ook met duiven van Gaston Van De Wouwer begint het beter te lukken. Maar ’t is niet zo dat je maar de markt op gaat en dat je prijs hebt. Zo werkt het niet.”

Maar Cleirbaut blijft zoeken…

“-Dat is een beetje eigen aan het vak zeker. Een mens wil altijd meer en beter. Maar als ik het nu bekijk, is mijn geluk geweest dat ik mijn eigen vitesseduiven niet over boord heb gekieperd. Ik dacht alleen dat ze de vijfhonderd kilometer niet zouden halen. Fout gedacht uiteindelijk.”

Met hoeveel procent aan bijgehaalde duiven kan een mens lukken?

“-Met de helft misschien. Hooguit denk ik… Maar nogmaals: dat betekent niet dat bepaalde mensen je slecht zouden bediend hebben. Met de helft luk je niet omdat die duiven niet compatibel zijn met je eigen soort. Dat is een vaststelling. Geen verwijt.”

Is Cleirbaut ergens de mosterd gaan zoeken vooraleer zoveel succes in je schoot kwam vallen?

“-Ja en neen. Willen winnen is het enige en uiteindelijke doel. Alleen moet je een weg vinden om dat doel te bereiken. En zo ben ik op een bepaalde dag bij Mit Van Hove-Uytterhoeven terecht gekomen. Ik wou het veld een beetje aftasten snap je. Mit heeft mij haar hele duivinnensysteem van naaldje tot draadje uitgelegd. Ik ben met veel goeie raad en een goeie vriendin meer naar huis gereden. Ik heb van haar heel veel overgenomen ja. En ze is nog altijd een goede vriendin.”

Jij speelt vooral midfond met duivinnen!

“-In hoofdzaak ja. Ik begin elk seizoen met een stuk of twintig maar het duurt altijd een eind voor ik weet wie wie is. In ’t begin durft daar nog wel wat onregelmaat in te zitten. Maar zelfs dat begint te beteren.”

Maar jij speelt wel nog steeds het ouderwetse weduwschap…

“-Dat klopt. Als madame op reis is, moet mijnheer thuis zijn. Totaal weduwschap is voor mij te veel kakafonie. Die is thuis, die niet… En wie moet dan met wie de liefde gaan bedrijven? Ik vind een vaste partner nog altijd belangrijk. Het lijkt me logica voor mezelf maar het motiveert ook veel meer. Ik stel dit soort zaken misschien wel net iets te sterk maar wat als je als vrouw gaat werken en bij thuiskomst zit je vent maar alle dagen in de kroeg. Dit soort liefde houdt nooit lang stand, denk ik maar…”

Je jonge volkje speel je ook op weduwschap!

“-Yes. Ze hebben allemaal een nestbak en een vaste partner. Ik heb eerder ook wel de schuifdeur gehanteerd maar het effect is anders. Op dat soort duiven zit veel minder “snee”… Minder motivatie wellicht. Pasop, je kunt wel links en rechts een uitschieter maken maar je krijgt niet echt die ketting van aankomsten. Er zitten met schuifdeur-duiven te veel gaten in het plafond.”

Cleirbaut: jij bent een fanaat!

“-Ik beken ja… Ik lees alles, ik draai internet binnenstebuiten en ik kijk ook richting voeding en wetenschap voor een stuk.”

Mijnheer heeft zelfs zijn eigen duivenvoer…

“-Inderdaad. Maar dat is er alleen maar kunnen komen in samenwerking met Vanrobaeys. Ik heb gezorgd voor het systeem en een testperiode.”

Knotsvolle bak bij thuiskomt bijvoorbeeld…

“-Ja maar dan wel uitgekiend heel licht en verteerbaar. En heel veel eiwitten. Zoveel als ze willen.”

Geen erwten dus?

“-Na een vlucht zijn erwten gewoon slecht. Veel te zwaar. Ze blijven ook zesendertig uur in de darmen aanwezig. Met vezelrijk voer zuiver ik nadien heel dat spijsverteringstelsel. En dan ga ik weer richting inkorven. Altijd met specifieke en inhoudelijke bedoelingen. Duiven zijn als sportmensen éh… Kim Gevaert ga je voor een honderd meter ook geen hamburger met veel ketchup zien eten. Ook geen groot pak vette fritten met een dubbele kwak mayonaise. Zo’n zaken kunnen niet. Ook niet met duiven.”

Haal je die voedingsaanpak ook uit je job als bakker?

“-Voor een stuk wel ja. Bij alles wat wij maken, mik ik simpelweg op de beste ingrediënten. Kwaliteit, zuiver en vers. En daar hoort het beste product uit te komen. Klanten wil ik een goed gevoel geven, snap je. Ik denk dat duiven dat ook willen. Perfectie…”

Maar ben jij niet eigenlijk een freak. Alles willen weten, alles willen kennen…

“-Is daar iets fout mee? Neen, toch… Zo ben ik al in contact met Henk De Weerd van toen ik nog vitesse speelde. Ik volg zijn syteem. Met o.m. Belgasol en zijn oogdruppels. Ik ben in Nederland ook het systeem van “lichten” gaan bekijken.”

Om te winnen mogen duiven geen pennen stoten bedoel je!

“-Dat is in korte woorden waar het om draait. Zoveel als mogelijk moeten duiven kunnen beschikken over wat wij dan een volle vleugel noemen. Zo verduister ik zowel mijn duivinnen als mijn jonge duiven tot 21 juni. Da’s niet toevallig de langste dag van het jaar. Vanaf dat moment licht ik elke avond bij om de dag van die 21ste even lang te houden ook al is het vroeger donker. En op die manier vallen geen of weinig slagpennen. Het bio-ritme blijft intact, ze blijven in de pluimen.”

Trainen en heel veel met duiven rijden is ook niet onbelangrijk?

“-Trainen is voor elke sporter belangrijk. Je moet enkel zien dat je je zaakjes niet opblaast of forceert. Maar vliegen moeten ze wel ja… Om er ritme in te krijgen. Om ze het “naar-huis-gevoel” mee te geven. Op duiven moet scherpte zitten. En dat krijg je door ze op regelmatige tijdstippen naar – zeg maar – Ittre te voeren. Ik steek dat niet weg. Soms is dat twee keer per week, soms één keer. Maar dat kan ook drie keer zijn. Vorm en konditie moet je een beetje kunnen meten. Wie dat het best aanvoelt, is doorgaans de winnaar.”

Maar wordt duivenspel op deze manier niet een beetje een job. Een verplicht nummer op alle vlakken?

“-Kijk, je hebt twee kansen. Ofwel laat je de boel waaien, ofwel kies je om proberen te winnen. En als je wil winnen, moet je uit je pijp komen. Veel hangt af van je persoonlijke ambitie. Ik ben nu éénmaal iemand die niet graag met een lege klok of met veel te late duiven in een lokaal binnenkomt. Maar langs de andere kant zijn er veel nummertjes die niet echt klokvast hoeven. Maar wat je doet en laat moet wel zinvol zijn natuurlijk… Is dat nodig en nuttig? Of helpt dat wel… Ik hou mij met dit soort vragen bezig. Een goed hok, een goeie kweekploeg, een goeie basisgezondheid… Daar kan zo’n beetje iedereen voor zorgen. Wat is dan het probleem? Proberen elke keer iets sneller te zijn dan je collega’s?”

’t Kan ook in de soep draaien uiteraard?

“-Daar heb je gelijk in. Eén rotvlucht is al genoeg. Duiven zijn hun motivatie kwijt en probeer ze dan maar opnieuw op de rails te krijgen. Dat kost soms weken. Maar zonder ongelukken is het wel de liefhebber die het minste fouten maakt die doorgaans de winnaar is. Alleen is dat niet altijd verklaarbaar te vatten. Maar wie ogen heeft, ziet veel… Als de boel tijdens de week krakkemikkig draait, moet je niet denken van Bourges of Argenton ofzo te winnen.”

Lig jij soms wakker van duiven, Kris?

“-Soms wel ja… Ik ben tenslotte een piekeraar. Misschien net iets te precies zeker? Moest “mijnen doctoor” weten wat die duiven soms met mij aanrichten… Hij stuurde mij zonder twijfel naar één of ander afkickcentrum. Gelukkig kent hij niks van duiven.”

Cleirbaut – de killer – is en blijft een raspaardje. Bijna niet te temmen en zijn horizon draagt net iets verder dan Bonheiden alleen. Cleirbaut is spektakel. Bij momenten een knaap van straffe stoten.


Vorige Pagina: Chris Hebberecht (Evergem)
Volgende Pagina: BELGIAN OPEN ALL ROUND


Actueel 
» Bourges: duiven slimmer dan de liefhebber...

» De Kantlijn: zwaluwen belangrijker dan mensen

» Mit Van Hove speelt onder een schuilnaam...

» St. Vincent tegen het licht gehouden

» Gust Cristiaens recht voor zijn raap...


vakantievilla Spanje